
Robin van Haandel is de jongste van de drie Van Haandels die binnen het bedrijf werken. Toch was het helemaal niet vanzelfsprekend dat ze ooit bij Van Haandel Metaal aan de slag zou gaan. “Toen ik jonger was, had ik eigenlijk helemaal geen interesse in het bedrijf. Ik kwam hier wel eens, maar was vooral buiten te vinden met mijn skelter en paarden vond ik veel interessanter.”
Dat veranderde na haar vwo. Robin begon aan de opleiding Industrial Design, maar ontdekte al snel dat dit niet bij haar paste. “Na een half jaar dacht ik: dit is echt helemaal niks voor mij. Toen ben ik maar gaan werken. Ik mocht op sollicitatie komen bij Dennis.”
In het diepe
Dat haar broer directeur was, betekende niet dat ze zomaar binnen kon lopen. “Dennis heeft volgens mij nog met iedereen overlegd of ze me wel wilden aannemen. Ik had tenslotte helemaal geen ervaring in de techniek. Ik kreeg meteen te horen: binnen twee maanden moet je het bestaande werk op de D-draaibank kunnen maken.”
Een flinke uitdaging, want ze wist op dat moment naar eigen zeggen helemaal niets van machines. “Ik wist niet eens hoe de machine aan moest! Papa en Tonny hebben me heel veel uitgelegd. Alles schreef ik op in een kladblok. Dat heb ik nog steeds.” Daarna was het vooral zelf proberen. “Je leert uiteindelijk het snelste door het gewoon te doen en ergens tegenaan te lopen. Dan ontdek je vanzelf wat je nog niet weet.”
Eigenlijk zou Robin maar een half jaar blijven. Toen kwam corona. “Toen dacht ik: ga ik nu midden in corona een opleiding beginnen? Dat zag ik niet zo zitten. Dus ben ik anderhalf jaar gebleven. In die periode kreeg ik steeds meer interesse in techniek.” Uiteindelijk koos ze voor HBO Mechatronica. “Dat paste eigenlijk heel mooi bij het bedrijf. Mechanica, elektronica, software en regeltechniek komen daar allemaal samen.”
Lekker wiskundig
Juist de combinatie van techniek en logica spreekt haar aan. “Bij Industrial Design vond ik het soms lastig dat iets een persoonlijke voorkeur was. Dan vroeg ik: waarom doe je het zo? En dan was het antwoord: omdat het mooi is. Daar kan ik niet zoveel mee. Ik wil gewoon weten waarom iets werkt. Ik ben toch meer van de bèta-kant. Lekker wiskundig!”
Na haar opleiding keerde ze terug naar Van Haandel Metaal. Inmiddels werkt ze onder andere aan de Muratec-machines en houdt ze zich bezig met automatisering en programmering. Daarbij leert ze nog iedere dag van haar collega’s. “Remko en Tonny hebben zoveel ervaring. Als je iets niet weet, kun je het aan hen vragen. Ze hebben bijna alles al een keer meegemaakt.”
Van machinebouwer naar automatiseerder
Tijdens haar afstudeerstage in het buitenland ontwikkelde Robin een machine die automatisch strips op lengte kan snijden. “Dat gebeurde daar allemaal met de hand. Ze trokken een rol stripmateriaal onder een snijder door en drukten op een knop. Dat schoot natuurlijk niet echt op.” Ze ontwierp en bouwde een groot deel van de machine zelf. Inmiddels staat het prototype bij Van Haandel Metaal. “Ik heb hem nog niet helemaal af, maar het is wel de bedoeling dat ik dat binnenkort ga doen.’’
Ook binnen Van Haandel houdt Robin zich bezig met een groot automatiseringsvraagstuk: de belading van de freesmachines. De bestaande systemen kwamen altijd van de leverancier van de machines, maar die leverancier is ermee gestopt. “Het was eigenlijk pure noodzaak. We willen natuurlijk niet dat iemand ’s nachts bij een machine moet staan om steeds materiaal erin en eruit te halen. Alleen is er op de markt eigenlijk geen systeem dat goed aansluit bij de manier waarop wij werken.” Samen met Dennis ging Robin op zoek naar alternatieven, maar die bleken er nauwelijks te zijn. “We zijn naar beurzen geweest en hebben van alles bekeken. Uiteindelijk kwamen we tot de conclusie dat we het voor onszelf moeten ontwikkelen.”
Samenwerken met familie
Dat Robin uiteindelijk bij het familiebedrijf terecht is gekomen, vindt ze vooral heel bijzonder. “Je kunt makkelijk overleggen, ziet je familie iedere dag en iedereen weet wat er speelt.” Dat het ook daadwerkelijk goed gaat binnen de familie, is volgens Robin minstens zo belangrijk. “We hebben veel respect voor elkaar en laten elkaar gewoon ons eigen ding doen. En dat we elkaar ook niet de tent uit vechten is natuurlijk mooi meegenomen,” lacht ze.
Voor de toekomst ziet Robin vooral kansen in het slimmer combineren van processen en het beter benutten van de onbemande uren. “De machines kunnen ’s nachts prima doordraaien. Het staat of valt alleen met hoe goed alles vooraf is voorbereid en geprogrammeerd. Als je de belading en programma’s goed geregeld hebt, kun je veel meer uit die machines halen.” Daar wil Robin zich de komende tijd verder in verdiepen, onder andere met TopSolid, het pakket voor de automatisering en aansturing van de machines.
Van iemand die ooit niet eens wist hoe een machine aan moest, naar iemand die nadenkt over hoe diezelfde machines straks steeds slimmer en zelfstandiger kunnen werken. “Ja, dat vind ik uiteindelijk gewoon het leukste: kijken hoe het slimmer kan.”